Gunning publiek-private samenwerking ‘Meerle ons dorp’

De voorzitter van de Meerlese dorpsraad noemde het tijdens zijn verwelkoming op de openbare vergadering van de dorpsraad in Meerle ‘De goed nieuwsshow van een week geleden’ voor meer dan 200 Meerlenaars in de kerk. En het moet gezegd, het was een mooie show, goed gepresenteerd en mooi geïllustreerd. We horen ook positieve reacties uit Meerle, vooral omdat er eindelijk daadwerkelijk zal gebouwd worden en een aantal prangende problemen een oplossing krijgen.

Het mag ons er echter niet van weerhouden om wat hier voorligt met een kritische blik te bekijken.

Zoals eerder gezegd bij de goedkeuring van de leidraad voor deze gunning, zijn wij koele minnaars van publiek-private samenwerking (PPS) voor de realisatie van gemeenschapsvoorzieningen.

Burgemeester: Wat geven we uit handen met een PPS? Als de gemeente die gemeenschapsvoozieningen – het publiek deel – in eigen regie zou doen, moet er ook een ontwerper, een architect, aannemers worden aangesteld. De privaat partner is in deze meer beslagen om daarvoor de regie te voeren dan de gemeente: het is zijn kernbedrijvigheid.

Anders: De privaat partner zal de publieke zaak altijd bekijken in de relatie met het private gedeelte en met de beoogde opbrengst daarvan. En onze collega’s van Hoogstraten Leeft merkten op dat de meetstaten, beschrijving van werken en materialen, eerder summier zijn en ruimte laten voor differentiätie.

Onze vragen bij deze gunning.

  • Er is slechts één geldige bieder

    Door een procedurefout is de andere bieder uitgesloten. We moeten toegeven dat die onzorgvuldig geweest is. Dat vinden wij merkwaardig gezien deze bieder een heel groot deel van zijn omzet moet halen uit openbare aanbestedingen. Is het dan de eerste maal dat de onderneming hiermee geconfronteerd is? Of wordt het soms niet zo hard gespeeld als hier? We vinden het spijtig omdat enige concurrentie gezond is in dergelijke projecten en dat de aanbesteder er nuttige zaken in had kunnen terugvinden. We hadden graag het andere dossier willen inkijken om een vergelijking te kunnen maken.

    Burgemeester: dit is niet onze verantwoordelijkheid, de bieder had hier voorzichtiger moeten zijn. En het is niet omdat de bieding niet ter vergelijking is opgenomen in het ‘beoordelingsverslag’, dat we er geen kennis van hebben kunnen nemen.

  • Financieel aspect (gunningscriterium 1)

    De visie in de leidraad was ‘budgetneutraal voor de aanbesteder, dus de gemeente’. Tijdens een van de infomomenten werd ook door de burgemeester gesteld dat ook de door het stadsbestuur te dragen kosten voor de restauratie en verbouwing van het Raadhuis uit de opbrengsten moesten komen.
    Nochtans hebben we getracht de financiële cijfers in de verschillende dossierstukken te vergelijken en dan wordt het wel erg moeilijk om de juiste bedragen te kennen. In de persnota staat letterlijk dat de opbrengst van de verkoop van gronden en de realisatie van de erfpacht ongeveer 1 miljoen euro zal bedragen, terwijl dat in het BAFO (best and final offer) reeds €1.349.313 is geworden. In het eerste geval is de tussenkomst van de gemeente om en bij het half miljoen, in de tweede versie is er zelfs een overschot. Wat is nu juist?
    We vinden het jammer dat het financieel aspect niet duidelijker uit de verf is gekomen, of beter : welke zijn de juiste cijfers?
    Uiteraard vinden wij het niet erg dat de gemeente investeert in Meerle, maar we kennen dan wel graag vooraf de juiste cijfers.

    Burgemeester: Budgetneutraliteit was de visie 4 jaar terug, na de haalbaarheidsstudie. De constellatie is ondertussen gewijzigd, daar er geen privaat partner is gevonden voor het Raadhuis. Dat is dus volledig uit het budget gelegd, het gemeentebestuur heeft daar zelf de regie in handen genomen.
    De cijfers die op de presentatie genoemd werden zijn grootte-orde voor de thans genoemde projecten, voor de twee gebouwen naast het raadhuis is er in het BAFO nog een erfpachtvergoeding begroot.

  • Architecturale kwaliteit (gunningscriterium 2)

    De scope in de onderhandeling ‘Architecturaal en Wonen’ spreekt van ‘woningdifferentiatie en samenhangende architectuur’.
    Ook in de presentatie van het project en in de persnota wordt hieraan aandacht gegeven.
    Over de woonblokken op de site van het Weeshuis lezen we: ‘Passend in Meerle én gebaseerd op de huidige architectuurtaal van de school en het weeshuis’
    Over de woningen op de site Pastorie: ‘Passend in de historische context en het beschermd dorpsgezicht van Meerle’. Buiten het profiel van het woonvolume met zadeldak, dat moet herinneren aan de vroegere woning Dr. Gommers, vinden wij weinig argumenten om te oordelen over ‘passend in de historische context en beschermd dorpsgezicht’.

    Wij zijn geen architecten, maar wat we wel gedaan hebben is even de projecten van Van Roey Vastgoed gegoogeld. Wat ons dan opvalt is dat wat in Meerle voorgesteld wordt verdacht veel lijkt op zowat alle andere projecten van deze firma. Er zijn verschillen in gevelbekleding, oriëntatie en bouwhoogte, die zijn locatie-afhankelijk. Maar het trekt toch allemaal heel hard op mekaar. Eenheidsarchitectuur die eenzelfde basis heeft. Als pasta, maar telkens met een ander sausje.

    Of dat voldoende is om aan de criteria ‘passend in Meerlese context’ te beantwoorden, daar zijn wij niet van overtuigd. Er zijn in het gunningsverslag geen verdere beoordelingen terug te vinden. Is hierover advies ingewonnen bij externen? Erfgoedcel of de diensten van de Vlaamse bouwmeester? Bij de samenstelling van de beoordelingscommissie (CBS 5/12/2016) werden 4 mogelijke externe adviseurs genoemd, waaronder deze twee. Zijn er eigenlijk externe adviseurs geconsulteerd bij de beoordeling?

    Burgemeester: Deze zienswijze verbaast mij, want zover ik weet is het voor de architecten die de gebouwen van dit project ontwerpen, de eerste keer dat zij dit doen voor Van Roey Vastgoed. Zij hebben dus niets te maken met die andere projecten op de site van Van Roey. Zij hebben bovendien wel degelijk rekening gehouden met de Meerlese én historische context, zowel naar vormtaal als materiaalkeuze. Wat tot hiertoe getoond is, zijn impressies, geen exacte bouwplannen. En zowel de erfgoedcel als de diensten van de bouwmeester zijn wel degelijk geconsulteerd.

    Anders: hier is helaas niets van terug te vinden in de verslagen

    We hebben ook bedenkingen bij de bouwvolumes: op de weeshuissite en school 1-2-3 lijken deze toch redelijk imposant én volgens ons te nadrukkelijk wegend op het uitzicht van het centrum. De ‘bewaarde muur van de speelkoer van de school’ is in concreto eerder de illusie van de muur. We vinden het ondanks alles spijtig dat de laatste zichtbare relicten van het ‘weezenhuis’ en ‘school en klooster’ van de Ursulinen in Meerle voor altijd verdwijnen. Net zoals we op de presentatie in Meerle van inwoners spijt hoorden dat de voormalige woning van Dr. Gommers ooit werd afgebroken. Ons verleden moet plaats maken voor de toekomst zeker.

    Burgemeester: Net als tijdens mijn inleiding op de presentatie in Meerle, verwijs ik naar het liede ‘Ons dorp’ van Wim Sonneveld ‘ik weet nog hoe het was….’. Maar we zijn niet gebaat bij nostalgie, we moeten kijken naar de toekomst. Het oude weeshuis is in het openbaar zicht een blinde muur. Die gebouwen zijn moeilijk te verzoenen met de woonfunctie die hier gepland is.

    Anders: In het eindrapport van het participatietraject (pag. 34) werden door ‘plusofficearchitects’ (die het traject begeleid hebben) nochtans een aantal ideeën en aanbevelingen opgenomen die wel belangrijke delen van de historische gebouwen zouden behouden en incorporeren in het nieuwbouwproject. Uit respect voor het verleden, niet uit pure nostalgie.

    Bij de gestapelde woningen op de pastorijsite (10 woningen) met een collectieve tuin staan nergens de afmetingen van die tuin op de afbeeldingen, maar vergeleken met de getekende bouwvolumes, lijkt ons die tuin toch heel klein voor alle bewoners van 10 woningen. Hoeveel tijd van de dag is er rechtsreeks zonlicht in deze tuin? De lagere bouwvolumes (autobergingen) staan weliswaar aan de zuidzijde, maar hoelang verzekert dit zon in de tuin? Buiten een aantal uren op de middag, ligt de tuin volgens ons in de schaduw van de woningen.

    Burgemeester: Laat ons kijken naar de bouwtekeningen, die bij de bouwaanvraag zullen gevoegd worden. Dan pas ken je de exacte afmetingen van zowel gebouwen als tuin. De bouwaanvraag maakt trouwens het voorwerp uit van een openbaar onderzoek.

Conclusie

We kunnen een heel eind meegaan in wat hier voorligt. Vooral omdat men in Meerle zit te wachten op oplossingen voor een aantal dringende vragen naar gemeenschapsvoorzieningen. Het is de hoogste tijd om aan de uitvoering te beginnen. Maar we zouden het wel op prijs stellen dat er naar onze opmerkingen wordt gekeken. Voor financiële bijsturingen is het wellicht in het kader van deze overeenkomst te laat. Voor architecturale en vormelijke aanpassingen is het nog niet te laat. Misschien toch eens samenzitten met enkele experten zoals Erfgoedcel en diensten van de Bouwmeester (wat trouwens ooit door de burgemeester beloofd werd).

Verder hopen wij dat de gestelde timing kan aangehouden worden. Het is allemaal heel strikt en dat durft bij projecten van dergelijke omvang nogal eens tegen te vallen.
We hopen dat ook de restauratie en ombouw van het Raadhuis zijn beslag kan krijgen zoals voorgesteld in de timing op de presentatie. Gelet op de afhankelijkheid van de erfgoedpremie vinden wij die timing heel optimistisch. We hopen dat het meer is dan ‘wishfull thinking’ en dat het bestuur elementen heeft om die de timing rechtvaardigen.

Burgemeester: ik wens er de aandacht op te vestigen dat de timing voor het Raadhuis onder voorbehoud is, ze is enkel indicatief. Het bestuur kan en wil daar momenteel geen concrete uitspraken over doen. Het is inderdaad afhankelijk van de erfgoedpremie. Maar men zal er alles aan doen om dat positief te beïnvloeden.

Anders: ook hopen we dat stadsbestuur en privaat partner nauw contact blijven houden met de Meerlenaars bij de uitvoering van de omvangrijke werken, die zeker niet zonder hinder zullen verlopen.

Tenslotte hopen we dat het stadsbestuur ook naarstig verder werkt aan de andere zaken die uit het participatieproject zijn gekomen: Kerkstraat, Chaamseweg, Ulicotenseweg, Melkerijsite, Trage wegen, …..

Burgemeester: die projecten worden niet uit het oog verloren, zoals ook op de algemene vergadering van de dorpsraad duidelijk gemaakt door het bestuur.

Onze fractie wenst dit project zeker niet af te keuren, maar rekening houdende met de verschillende opmerkingen (financiële onduidelijkheid, architecturale beperktheden, gebrek aan respect voor erfgoed, …) zullen wij ons bij de stemming onthouden; juist omdat er volgens ons nog heel wat verbeteringen mogelijk zijn.

Stemming

Ondanks fel aandringen van de meerderheidspartijen om dit project mee goed te keuren, wenste anders zich te onthouden. Voor ons zijn er nog te veel onzekerheden en vragen bij dit project.

Deel dit bericht

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *